De Erfgenamen - Sessie 7
Wat ging vooraf.
De helden zijn in Fort Zuid op zoek naar sporen van Argo Grando. Zij spreken met Golan Torader, de nieuwe Hogepriester van
Orakal in Fort Zuid. Golan heeft niets te melden en werkt de helden snel weer naar buiten. De helden vermoeden dat er meer aan de hand
is en vatten post buiten de villa van Golan. Hun geduld wordt beloond. Er verschijnen gewapende mannen bij de villa van Golan en een
spionagemissie maakt duidelijk dat Golan een gewapende delegatie stuurt naar "het Mausoleum".
Wendradag 3 Octiri 3208
Ambrose merkt dat er een missie van tien man wordt voorbereid, vermoedelijk richting het Mausoleum. Met behulp van Ravi wordt
Vurion uit het bos gehaald en wordt er zo snel mogelijk een achtervolging ingezet. De tien ruiters die voor ons zitten blijken
de route goed te kennen aangezien ze een shortcut feilloos nemen en aardig stevig doortrekken. Een stukje na de mist, de plek waar
we werden aangevallen door de mammoet en vanwaar de grot met het mausoleum te bereiken is, stoppen de tien ruiters en discussiëren
zij druk. Zij vragen zich af of ze nog wel goed zitten en waar ze van de weg af moeten. Na een kort gesprek keren ze om en
vertrekken weer. We verbergen ons langs de weg en kunnen zien dat het gezelschap bestaat uit acht sterke mannen die ons allemaal
onbekend voorkomen. Tussen hen bevindt zich een kleine tengere man die ongewapend en ongeharnast is. De tiende man is een
uitzonderlijk stevige man met een vreemd kettingachtig voorwerp aan het zadel. Ambrose bekijkt het wapen dat de mannen op hun schilden
dragen en merkt op dat het wapen is samengesteld uit het wapen van Orakal en het wapen van het huis van Goran. Hoewel ze er ervaren
en professioneel uitzien lijken ze niet voorbereid te zijn op een wekenlange missie. Karag herkent een aantal van de stemmen die hij
eerder op de avond had gehoord.
We volgen de groep van tien tot de grot waar zij met een stel Goblins in gevecht raken. Dit gevecht is van korte duur. Vijf
van de ruiters verdwijnen de grot in terwijl de vijf anderen de wacht houden voor de grot. Ambrose sluipt dichterbij om te horen
wat zij overleggen maar veel meer dan koetjes en kalfjes blijkt het niet te zijn. Plots komt er echter rechts uit het bos een
groot lawaai. De welbekende mammoet komt door de bossen gestormd en bemand met tal van Goblins gaat hij het gevecht aan met de
vijf ruiters. Al snel hebben 2 paarden en 3 ruiters het leven gelaten. Nog voor we hebben kunnen besluiten om in te grijpen
verschijnt er een gele flits en een knal en slaat de mammoet op de vlucht. Het kleine mannetje van de tien was kennelijk uit de
grot teruggekomen en had de Goblins verjaagt met een legendarische fireball. Inmiddels staan we in het zicht en proberen we ons
van onze goede kant te tonen, maar de magier wil ons duidelijk weg hebben. We slaan iets verder ons kamp op om hen op een afstand
in de gaten te houden.
Tijdens de wacht van Vurion verschijnt er een prachtige eenhoorn die Watershift blijkt te heten en Vurion herkent als een
erfgenaam. Hij vertelt feitelijk vrij weinig en is nogal cryptisch in zijn verwoordingen zoals het een magisch wezen behoort.
Het enige dat te begrijpen is dat wij meer informatie over ons eigen lot kunnen vinden bij de hogepriester van Aarde en dat wij
dichter bij ons doel zijn dan we denken. Dit doet ons vasthouden om de grot in de gaten te houden.
Dolindag 4 Octiri 3208
De volgende dag houden we de grot in en de gebeurtenissen daarom heen in de gaten. Vurion (als Luipaard) vindt het spoor van
de mammoet, Ambrose ziet dat er van een boom een werktuig wordt gemaakt. Na een klein uurtje gaat de groep ruiters er met spoed
vandoor terwijl zij over de rug van een paard een rol ter grote van een lichaam hebben. Snel wordt er besloten de grot uit te
kammen. Allereerst vindt Lyssandra een gebruikte perkamentrol op de grond. Helaas is het niet te achterhalen waar het voor gebruikt
is. De sarcofaag blijkt met geweld los te zijn getrokken van de plaats waar hij lag. Eronder ligt een gang van 150 tredes naar
beneden. Met zijn allen volgen we de weg tot de kamer waar de trap uitkomt. Hier vinden we losgetrokken kettingen aan de muur. Het
lijkt erop dat het gezelschap dat ons zo-even voor was geweest iemand heeft bevrijd en heeft afgevoerd.
In de aangrenzende naar beneden lopende hal die vastgegroeid is met malagmieten vinden we een groot gezicht in de muur. Hier
blijkt ook de houten balk te liggen die de ruiters voor het een of ander gebruikt hebben. In de kamer staat een pilaar die Karag
herkent van het vertrek waar de god van de Aarde opgesloten zat. Om deze pilaar zit een grote schroeiplek, verder is de balk aardig
beschadigd, er blijkt dus van alles te zijn gebeurd. Na een detect magic van Lyssandra blijkt de deur naar het vertrek magisch te
zijn afgesloten te zijn geweest, tevens is de wand en de pilaren achterin de ruimte stralen goddelijke magie uit. Ekjiram denkt dat
ondanks dat alles eruit zit als een vervaardigd vertrek het een natuurlijk gevonden grot is. De schroeiplek heeft zich rond een
verdwenen voorwerp gevormd zoals blijkt uit een nauwkeurig onderzoek van Ambrose. Ondanks dat alles er interessant en mysterieus
uitziet wordt er snel besloten om de verdwenen ruiters achterna te gaan.
De achtervolging is ingezet en na een paar uur is de groep ruiters ingehaald. Er wordt besloten de ruiters op enige afstand
te volgen. Ongeveer op de afstand waarbij de vooruitgevlogen Ravi nog net met Lyssandra kan communiceren. Vlak voor de shortcut
door het bos probeert Ekjiram de ruiters in te halen. Ze leidt haar paard het bos in en gaat in galop. Helaas wordt zij opgemerkt
door de ruiters die ook in galop gaan. Ekjiram stuurt terug naar de weg en er ontstaat er een vechtpartij.
De eerste ridder wordt uitgeschakeld door een spiegelend schild van Ekjiram. Vervolgens weet Lyssandra er een in een web te
vangen. Helaas wordt er na nog een aantal schermutselingen een onzichtbaarheidsspreuk uitgesproken door de magier. De overige
ridders worden vervolgens vakkundig tegen de vlakte gewerkt. Even later komt de magier tevoorschijn en spuwt een pijnlijke vuurbal
richting Vurion, welke beantwoord wordt met gelijke kracht door een vuurbalspreuk uit de ring van Lyssandra. Onmiddellijk zijn beide
paarden en de magier tot as verkoold. De breedgeschouderde man beweegt zich echter op enkele meters van het geheel voort in het bos.
Ook de twee eerder uitgeschakelde ruiters komen terug het slagveld op gedribbeld. Uiteindelijk worden de beide ruiters door Ekjiram
en Vurion uitgeschakeld en moet ook de breedgeschouderde man het onderspit delven. Deze Rogue wordt snel vastgebonden en door Karag
weer opgelapt om te zorgen dat hij ons het een en ander kan vertellen. Nog voor hij in een staat is waar hij tot hulp kan zijn wordt
ook het paard waarop zich de mysterieuze zak zich bevindt gevonden.
Het blijkt dat we Argo Grando hebben gevonden. Argo Grando vertrouwt ons in het begin niet helemaal en spreekt enkele spreuken
zoals detect alignment en circle of truth uit om zeker te zijn dat er geen onverwachte spanningen zijn. Tevens spreekt hij dispel
evil uit over de arme breedgeschouderde man welke zijn discipel wordt. Verder vertelt hij hoe hij Llanglowynn als aanhanger van een
oude God heeft geïnstalleerd in zijn oude klooster omdat hij het hogepriesterschap niet meer zijn volwaardige aandacht kon geven.
Hij was er immers achtergekomen dat de verketterde oude goden nog steeds bestonden en sterker nog geen door en door slechte status
hadden. Verder kwam hij verder en verder achter de mythologieën van de aarde en kwam erachter dat er zelfs nog een vijfde fractie,
een drakenfractie, was. Helaas waren al deze ideeën niet echt gangbaar en is hij door Golan Torader gevangen gezet in de grot. Het
lot heeft het zo gewild dat wij daar heen zijn geleid om hem uiteindelijk wederom te bevrijden uit de klauwen van Goran die hem uit
het Mausoleum kwamen halen om hem ergens anders gevangen te zetten. De schroeiplek was een fireball die kennelijk nodig was om Argo
te overmeesteren. Overigens heeft de God van de Aarde Argo Grando bevrijdt uit zijn ketenen en zijn vertrek. Argo heeft zich hierbij
definitief bekeerd tot het geloof van Aarde en besluit een tempel in de bewuste grot te stichten ter ere van de God Aarde. Wij
besluiten terug te keren naar Greymount om de mythe van de draken verder te onderzoeken.
Marcadag 6 Octiri 3208
Terug in Greymount brengen wij een bezoek aan Llanglowynn. In het klooster proberen we de bibliotheek uit te pluizen op de
boeken waar Argo Grando aan refereerde. In het oude kantoor van Argo Grando vindt Ambrose een lijstje van tien boeken welke wij
rustig doorlezen. Een van de boeken bevat een verwijzing naar ene Zolan de Zotte en een drakenlegende. Achterin het boek steekt
een door Argo Grando vervaardigde kaartje met een fort genaamd Drakenschaduw waar vroeger een oude drakencultus zich bevond.
Ekjiram probeert in de tussentijd wat meer te vinden van Zolan de Zotte en komt erachter dat de drakencultus waarschijnlijk een
volledige legende en profetie omtrent de draken heeft. Na iets meer onderzoek blijkt de burcht te moeten liggen op een levensgrote,
legendarische klif.
Alvorens een plan de campagne te verzinnen besluiten we eerst naar onze vaste magiër te gaan om het een en ander te laten
identificeren. Deze beste man (Yoar Vulderius) heeft een voorstel voor ons. Graag zou hij samen met ons een flink huis betrekken
dat hij kan inrichting als laboratorium en magisch centrum. We gaan met hem in onderhandeling en we zullen delen in elkaars winst
(hij werkt voor kostprijs voor ons, en wij dragen 5% af van al het goud dat wij vinden).
Dolindag 9 Octiri 3208
We vertrekken in de richting van de drakenburg, licht bepakt en zonder de kar van Lyssandra. Op een gegeven moment komen wij
een stilstaand paard tegen. Met de ring van Lyssandra en een speak with animals spreuk van Vurion komen wij erachter dat de eigenaar
van het paard is aangevallen door drie ranzige wezens die de eigenaar kapot hebben gereten. We nemen het paard en het masterwork
longsword van de avonturier mee en besluiten de wezens verder niet op te sporen.
Aldus trekt het avonturierschap verder. Wat dagen later worden we in de nacht in de gaten gehouden door een nieuwsgierig edoch
niet direct vijandelijk magisch beest. Hoewel we op onze hoede blijven besteden we er niet direct aandacht aan en trekken wij de
volgende dag verder in de richting van de steile klif. Volgens Ambrose en Lyssandra blijkt het beest ons verder niet te volgen.
Vragudag 15 Octiri 3208
Een paar dagen later komen we aan de voet van het vervaarlijke gebergte. In de wand staat een groot drakensilhouet. Verder zien
wij verscheidene torens, houten stellages en balkons uit de wand puilen, allen in zeer slechte staat. Helaas is de poort van het
die toegang lijkt te geven tot dit bergbouwsel aan de overkant van een ravijn. Met behulp van een aantal touwen steken wij deze
afgrond over. De paarden en het luipaard laten we achter.
In de binnenplaats van de poort zien we een vervallen stal en de uitwerpselen van wat blijkt naar nader onderzoek van een groot
vliegend geschubd beest (draak waarschijnlijk). We nemen de linker ingang tot het geheel en komen halverwege in een smederij alwaar
we een 1000 jaar oud sabel vinden. We verplaatsen ons in een vertrek links van de smederij. Hier bevindt zich wederom een trap
omhoog en opening naar een balkon buiten aan de rotswand, welke ons een prachtig uitzicht geeft.
Download het verslag